Terug
Runway 28 Runway 28 Runway 28 Runway 28

De F-104G Starfighter in Europa; Gilze-Rijen, 2 - 8 juli 2002

De Lockheed F-104 Starfighter, deel 3; Tekst en Afbeeldingen door Alex van Noye

De F-104G Starfighter is een van de meest gebruikte Starfighter varianten in Europa. Naast Duitsland, hebben landen zoals België, Nederland, Denemarken, Noorwegen, Spanje en Griekenland veelvuldig met dit type vleigtuig gevlogen. De Starfighter domineerde het Europese luchtruim van half de jaren 60 to begin jaren 80.

Tijdens de Koude Oorlog speelde de Koninklijke Luchtmacht binnen de NATO een belangrijke rol in de gezamenlijke West-Europese luchtverdediging tegen het Warschaupact. De luchtmacht had vijf operationele raketgroepen (Groep Geleide Wapens) in West-Duitsland en de jachtvliegtuigen van het Commando Tactische Luchtstrijdkrachten (CTL) waren volledig geïntegreerd in de NATO-luchtverdediging. De Nederlandse luchtmacht kreeg vanaf 1962 de beschikking over de F-104G Starfighter. De Koninklijke luchtmacht ontving in totaal 138 Starfighters. Van deze vliegtuigen waren 91 F-104G’s en 29 RF-104G’s gebouwd door Fokker. De 18 TF-104G’s zijn geleverd door Lockheed. Op vliegbasis Volkel stonden vier Starfighter squadrons gestationeerd, deze eenheden waren het no 306 Squadron, het no 311 Squadron, het no 312 Squadron en de Conversie Afdeling Volkel. Op vliegbasis Leeuwarden stonden drie eenheden gestationeerd, deze eenheden waren het no 322 Squadron, het no 323 Squadron en de Training and Conversion Unit A. De eenheden op Volkel opereerden vooral in de rol van jachtbommenwerpers. De squadrons op vliegbasis Leeuwarden opereerden in de luchtverdedigingsrol. De Nederlandse Starfighters hebben gevlogen van 1962 tot het einde van 1984. Veel Nederlandse Starfighters zijn verkocht aan Turkije en een kleine serie is verkocht aan Griekenland. De Starfighter is in Nederland het symbool geworden van de Koude Oorlog.

Naast Nederland, was ook België een grote gebruiker van de F-104G Starfighter. De Belgische luchtmacht had twee varianten van de Starfighter in gebruik. De Belgische luchtmacht had 12 TF-104G’s in gebruik en 101 F-104G’s in gebruik. België kreeg zijn eerste Starfighter op 14 februari 1963. Het laatste toestel werd afgeleverd op 19 september 1983. De 101 F-104G’s zijn door het Belgische bedrijf SABCA gebouwd en geleverd aan de luchtmacht. De 12 TF-104G’s werden geleverd door Lockheed en zijn dus gebouwd in de Verenigde Staten. In tegenstelling tot Nederland had België geen

RF-104G’s in zijn orbat. De Belgische Starfighters stonden gestationeerd op twee vlieg- velden, namelijk Beauvechain en Kleine-Brogel. De vliegtuigen die op Beauvechain stonden hadden de luchtverdedigingstaak. De vliegtuigen op dit vliegveld waren ingedeeld bij het 349 Smaldeel en het 350 Smaldeel. Deze twee eenheden maakten beide deel uit van het 1 Wing. De Starfighters op Kleine-Brogel hadden de offensieve taak. De vliegtuigen op Kleine-Brogel zijn ingedeeld bij het 10 Wing. Deze wing bestond uit drie eenheden, namelijk het 23 Smaldeel, het 31 Smaldeel en de OCU. De OCU is de Belgische Operationele Conversie Unit welke verantwoordelijk was voor de opleiding van vliegers. Veel van de Belgische Starfighters werden na hun carrière bij de luchtmacht verkocht aan Taiwan. De Taiwanezen namen 38 F-104G’s en drie TF-104G’s over van de Belgen. Ook werden er nog eens 18 Belgische F-104G’s verkocht aan de Turkse luchtmacht.

In 1963 ontving de Noorse luchtmacht 19 F-104G’s en vier TF-104G’s. Deze vliegtuigen waren in Canada geproduceerd door Canadair. De vliegtuigen werden ingedeeld bij het 331 Skvadron op de Noorse vliegbasis Bodo. Deze vliegtuigen waren aan het land geleverd in het kader van het Military Assistance Program. Het land ontving naast de initiële F-104G levering ook 18 CF-104 varianten en slechts vier CF-104D’s. De toestellen waren tweedehands geleverd door de Canadese luchtmacht. De CF-104 is een Starfighter variant die onder licentie gebouwd is door de Canadese vliegtuigbouwer Canadair. Noorwegen ontving deze toestellen in 1974. De toestellen werden ingedeeld bij het 334 Skvadron op Bodo. De Noorse Starfighters werden in de winter van 1982 uitgefaseerd en vervangen door de F-16 Fighting Falcon. Denemar- ken ontving net als Noorwegen een serie Starfighters in het kader van het Military Assistance Program tussen 1964 en 1965. De Denen ontvingen in deze periode 25 F-104G’s en vier TF-104G’s. De eenheden die met de Starfighter gingen vliegen, waren het 723 en 726 Eskadrille die beide op Aalborg in Denemarken stonden gestationeerd. Tussen 1971 en 1973 kochten de Denen 15 CF-104’s en zeven CF-104D’s van de Canadezen. De F-104G varianten werden in 1986 toen de Starfighter in Denemarken werd uitgefaseerd verkocht aan de luchtmacht van Taiwan.

In het zuiden van Europa was Spanje een van de gebruikers van de Lockheed F-104 Starfighter. Net als in het noorden van Europa, ontving Spanje de toestellen als onderdeel van het Military Assistance Program. De Spanjaarden ontvingen de Starfighters ook van het Canadese Canadair. De Spaanse luchtmacht ontving 18 F-104G’s en drie TF-104G’s. De vliegtuigen werden in 1975 geleverd aan de luchtmacht. De Spaanse Starfighters werden ingedeeld bij Ala 6 dat vliegbasis Torrejón stond gestationeerd in de buurt van Madrid. In 1972 werden de vliegtuigen vervangen door de F-4 Phantom. De Spaanse luchtmacht maakte ruim 17000 vlieguren met de Starfighter zonder dat er een toestel verloren ging door ongelukken. De uitgefaseerde vliegtuigen werden allemaal verkocht aan Griekenland en aan Turkije. Griekenland was een grote gebruiker van de Starfighter. Het land ontving 45 nieuwe F-104G’s en zes TF-104G’s als onderdeel van het Military Assistance Program. Deze Starfighters werden in april 1964 in gebruik genomen bij de Griekse luchtmacht. De Griekse luchtmacht zou later nog veel Starfighters tweedehands overnemen van verschillende landen die het toestel hadden uitgefaseerd. De Grieken waren daarmee samen met de Turken de grootste afnemers op de tweedehandse markt. Griekenland ontving 79 toestellen uit West-Duitsland, zeven toestellen uit Nederland en negen toestellen uit Spanje. De Griekse Starfighters vlogen bij het 335 Mira ‘Tigris’ en het 336 Mira ‘Olympos’ op de Griekse vliegbasis Tanagra en later op Araxos. De Grieken bleven vliegen met de Starfighter tot maart 1993.




Contact Facebook Youtube Airfighters Google+ Google Maps Over Runway 28 Blurb
© Copyright 2000-2018 AAM van Noye, Alle Rechten Voorbehouden