Terug
Runway 28 Runway 28 Runway 28 Runway 28

De Transportvloot van de RAF; RAF Fairford, 8 - 9 juli 2012

The Royal International Air Tattoo, deel 2; Tekst en Afbeeldingen door Alex van Noye

Het thema Skylift op de RIAT werd gesymboliseerd met een flight pass tijdens de vliegshow. Alle grote Britse transport vliegtuigen waren vertegenwoordigd tijdens deze vlucht. De Britse luchttransportvloot bestaat uit de C-130 Hercules en de C-17 Globemaster III en wordt in de toekomst uitgebreid met de Airbus A400.

De transportvloot speelt een van de belangrijkste rollen binnen de huidige RAF. Tegenwoordig is het van vitaal belang om materieel en personeel zo snel mogelijk te kunnen verplaatsen tijdens een crisis. De Britse transportvloot is continue voorbereid op het uitzenden van militairen en grondmaterieel. Met een breed scala aan vliegtuigen kunnen er binnen een korte tijd vluchten plaatsvinden naar elke locatie in de wereld. De Britse transportvloot kan op elk gewenst moment worden ingezet voor de NATO Response Force (NRF). De vliegtuigen zijn dus continue beschikbaar voor internationale inzet naar crisisgebieden. Bij alle missies draaid het om snelle en flexibele inzet van transportcapaciteit. De Britse transportvloot bestaat uit 3 typen vlieg- tuigen die voor diverse taken kunnen worden ingezet. Deze zware transportvliegtuigen, zijn: de Boeing C-17 Globemaster III, de Lockheed C-130 Hercules en de Airbus A400 Atlas. De Airbus A400 is het nieuwste lid van de vloot en zal de komende jaren in dienst treden bij de RAF. Deze 3 typen van de RAF hebben ieder hun specifieke transporttaken. Zo is de Hercules uitermate geschikt voor de korte afstanden en moeilijk begaanbaar terrein, terwijl de C-17 erg geschikt is voor lange afstanden.

Naast de Verenigde Staten vliegt onder andere ook Groot-Brittannië met de Boeing C-17 Globemaster III. In 1998 werd door een Strategic Defence Review bepaald dat het land de behoefte had aan een toestel met strategische transportcapaciteiten. De Short-Term Strategic Airlift (STSA) competitie leverde uiteindelijk de keuze van de C-17 op. De C-17 zou al op zeer korte termijn in dienst moeten komen, omdat de levering van de A400 grote vertraging had. Er werden in 2000 4 C-17’s geleased van de USAF voor een periode van 7 jaar. De toestellen werden uiteindelijk door de RAF gekocht. Op 17 mei 2001, werd de eerste C-17 afgeleverd op RAF Brize-Norton. Hier zouden de toestellen ingedeeld worden bij het no 99 Squadron. Omdat de toestellen in eerste instantie geleased werden van de Amerikanen, bleef de aanduiding van het toestel

ook gewoon C-17 in plaats van Globemaster C1 wat gebruikelijk zou zijn voor de RAF. In augustus 2006, werd besloten om een vijfde C-17 aan te schaffen omdat de RAF besloot om de C-17 in vaste dienst te houden. De 4 geleasde vliegtuigen werden in 2008 gekocht van Boeing. Aan het eind van 2006, werd besloten om nog eens 3 C-17’s aan te schaffen. De vloot zou dan bestaan uit 8 vliegtuigen. Op 11 juni 2008, werd de eerste C-17 van de extra vliegtuigen ontvangen. De laatste C-17 werd geleverd in februari 2012. Alle C-17’s staan op dit moment op RAF Brize-Norton gestationeerd. Met een vloot van 8 C-17’s is de Britse regering prima in staat om zijn troepen in het buitenland te verzien van de juiste hoeveelheid airliftcapaciteit.

Het werkpaard van de Britse RAF in de C-130 Hercules. In Groot-Brittannië worden de toestellen aangeduid als de Hercules Cx. De x in deze aanduiding is een cijfer dat voor de variant van de Hercules staat. Op dit moment heeft de RAF no 32 Herculessen in dienst van verschillende varianten. In totaal hebben er door de jaren heen 91 Hercules gevlogen bij de RAF. Alle Britse Herculessen staan op RAF Brize-Norton gestationeerd. De oudste Herculessen zijn de Hercules C1 en de Hercules C3. De Hercules C1 is van het type C-130H en de Hercules C3 is van het vergelijkbare type C-130H-30. In totaal zijn er nog 8 Herculessen van deze serie die allemaal ingedeeld zijn bij het no 47 Squadron. Deze vliegtuigen zullen op korte termijn uitgefaseerd worden. Het is erg waarschijnlijk dat het no 47 Squadron de eerste eenheid in Groot-Brittannië wordt die met de Airbus A400 Atlas gaat vliegen. Het no 24 Squadron vliegt met de Hercules C4. De Hercules C4 is de Britse variant van de C-130J-30. Deze Hercules is een verlengde variant van het oorspronkelijke ontwerp van het toestel. Het no 24 Squadron heeft 14 van deze Herculessen in dienst. De derde eenheid die met de Hercules vliegt is het no 30 Squadron. Deze eenheid vliegt met de Hercules C5. Deze variant van de Hercules is vergelijkbaar met de C-130J. DE RAF heeft 10 Herculessen in dienst van het type Hercules C5. Het is nog niet duidelijk hoeveel Herculessen er nog in dienst zullen blijven bij de RAF als de A400 volledig operationeel is. Wel is het duidelijk dat de Hercules in het verleden en ook in het heden een sleutelrol speelt voor de RAF over de hele wereld.

De Airbus A400 Atlas wordt het nieuwste lid in de familie van transportvliegtuigen van de RAF. De RAF had in eerste instantie 25 van deze vliegtuigen besteld. Uiteindelijk werd de order bijgesteld naar 22 vliegtuigen. De reden hiervoor was de aankoop van de Boeing C-17 Globemaster III. De verwachting is dat de eerste A400 in 2013 geleverd zal worden. Het A400 project begon als het Future International Military Airlifter (FIMA) programma. Het programma werd gestart als een samenwerking van Aérospatiale, British Aerospace (BAe), Lockheed en Messerschmitt-Bölkow-Blohm (MBB). Het doel was de ontwikkeling van een vervanger van de C-130 Hercules en de C-160 Transall. In 1989 stapte Lockheed uit dit consortium en ontwikkelde het de C-130J Super Hercules. Alenia uit Italië en CASA uit Spanje stapte in het project dat verder ging onder de naam Euroflag. Italië stapte al relatief snel uit het programma. De A400 is een toestel dat qua afmetingen tussen de Lockheed C-130 en de Boeing C-17 in zit. Het toestel is in staat om te landen en opstijgen op onverharde landingstrips. Naast deze eigenschap kan het toestel ook opstijgen op zeer korte landingsbanen. De eerste vlucht van een A400 vond plaats op 11 december 2009 in Sevilla. Duitsland en Frankrijk worden de 2 grootste afnemers van de A400 met respectievelijk 53 en 50 vliegtuigen. De A400’s zullen naar alle waarschijnlijkheid ook op RAF Brize-Norton worden gestationeerd. Aan het begin van 2012 ontving de A400 voor het eerst de naam Atlas. De Atlas zal in Europa een belangrijke rol gaan spelen als het op airliftcapaciteit aankomt.




Contact Facebook Youtube Airfighters Google+ Google Maps Over Runway 28 Blurb
© Copyright 2000-2018 AAM van Noye, Alle Rechten Voorbehouden