Terug
Runway 28 Runway 28 Runway 28 Runway 28

De Doelstellingen van de Task Force; Gilze-Rijen, 31 mei 2018

De APROC Cursus 2018, deel 3; Tekst en Afbeeldingen door Alex van Noye

Tijdens de APROC zullen militairen van verschillende onderdelen zoals jachtvliegers, helikoptervliegers en soldaten van de extraction forces nauw samenwerken. De APROC cursus begint met simpele scenario’s en zal zich door de cursus heen opbouwen tot complexe scenario’s waarbij de samenwerking cruciaal is voor succes.

Het EPRC is in het leven geroepen om de landen van de Europese Unie en de NATO te helpen bij het trainen en opleiden van militairen die hun personeel kunnen terughalen uit isolatie. De missie van het EPRC is hierbij om het concept van Personnel Recovery te standaardiseren door concepten en doctrines op te stellen. Het continue blijven verbeteren van de PR concepten, bestaat uit vier fasen die continue worden toegepast. Deze fasen, zijn: voorbereiding, planning, uitvoering en aanpassen. Het EPRC zorgt er volgens Holewijn voor dat de partner landen ondersteuning krijgen bij het trainen van hun personeel door ze trainingen, oefeningen en operaties aan te bieden zoals dat door de landen is vastgesteld. Het uiteindelijk doel is dat de militairen van alle landen gestandaardiseerd te werk gaan. Hierdoor kan men sneller, efficiënter en veiliger te werk gaan. Dit alles komt ten goede van de mate van succes bij een operatie in een oorlogsgebied. De succes rate en de snelheid waarmee een actie wordt uitgevoerd gaat hierdoor drastisch omhoog aldus Holewijn. De organisatie van het EPRC is opgebouwd uit personeel dat afkomstig is uit alle zeven partnerlanden op verschillende functies. Het voorzitterschap van het EPRC rouleert om de paar jaar. Nu heeft het EPRC een Italiaanse kolonel als commandant, later in het jaar zal een Duitser zijn positie overnemen. Het is volgens Bart Holewijn dus een kwestie van tijd voordat alle landen een keer het commando hebben gehad over de organisatie.

De belangrijkste cursus die het EPRC aanbied is natuurlijk de APROC (Air-centric Personnel Recovery Operatives Course). Zoals de naam air-centric al aangeeft, focust de cursus zich alleen op PR met de hulp van helikopters. Holewijn geeft aan dat er naast het air-centric gedeelte nog veel meer manieren zijn om PR uit te voeren. Enkele voorbeelden van andere methoden voor PR zijn het gebruik van pantservoertuigen, Special Forces en zelfs onderzeeboten. Al deze manieren van PR kan een land op nationaal niveau trainen. Volgens Bart, gaat het totaal anders bij de

extractie met helikopters. Dit kan volgens hem namelijk alleen als je in een multinationale omgeving samen hierop traint. Hij vergelijkt PR met helikopters als een grote puzzel. Alle landen hebben stukjes van de puzzel in hun bezit, maar geen enkel land bezit alle middelen om de hele puzzel alleen compleet te maken. Om deze reden moeten de landen hun armen ineen slaan om deze manier van PR mogelijk te maken. Deze manier van PR is goedkoop en effectief. Het zou voor elk land nagenoeg onbetaalbaar zijn om op nationaal niveau PR uit te voeren met helikopters. De focus van de APROC cursus ligt op het multinationaal optreden van alle PR Task Forces. Daarnaast ligt ook de focus op het volgen van het proces waarbij de gestelde procedures nauwlettend moeten worden gevolgd. Fouten die gemaakt worden bij het plannen worden meteen zichtbaar bij de werkelijke uitvoer van de missie.

Het hoofddoel van de air-centric cursus is het onderwijzen en trainen van helikopterbemanningen met weinig tot geen ervaring. Deze groep wordt vooral getraind in het plannen en uitvoeren van complexe missies gebaseerd op een PR scenario. Een tweede doel is het trainen van de ervaren vliegers tot Rescue Mission Commander (RMC). Dit wordt bereikt door deze groep de leiding te geven over de en de uitvoering van deze complexe missies. Hierbij moeten de ervaren vliegers ook de task force briefen en na de missie rapporteren aan het hogere command. Ook het trainen van de Extraction Forces (EF) op de grond is een hoofddoel van de cursus. Het samenwerken tussen de vliegers van gevechtsvliegtuigen, helikopters en de commandanten van de EF is een uitdaging, want al deze partijen moeten samen tot een plan komen om de missie succesvol uit te voeren. Dit lijkt simpel, maar in de praktijk ontdekt men dat deze partijen allemaal een andere taal spreken en andere disciplines toepassen. Het secundaire doel van de APROC is het trainen van de Airborne Early Warning (AEW) bemanningen die de missie coördineren. Ook de bemanning van de Rescue Escort (RESCORT) worden getraind als de On Scene Commander (ONC). De ONC’s zijn tijdens de APROC de vliegers van de gevechtsvliegtuigen die het overzicht bewaren tijdens de gehele extractie. Tot slot worden ook de EF getraind op het verlenen van de medische zorg.

Tijdens de APROC zal het dagelijkse vliegprogramma bestaan uit een drietal Task Forces (TF). Deze TF’s zijn opgebouwd uit een aantal onderdelen die elk hun eigen rol hebben in het geheel. Elke TF bestaat uit een tweetal Recovery Vehicles. Dit zijn twee transporthelikopters die gebruikt worden om militairen te transporteren en voor MEDEVAC (Medical Evacuation). In de TF vliegt ook een transporthelikopter mee die de EF aan boord heeft. De transporthelikopters worden tijdens hun vlucht en de landingen beschermd door een tweetal Rotary Wing RESCORT assets. Deze RESCORT’s zijn twee gevechtshelikopters die het landingsgebied veilig stellen voor de transporthelikopters. Tot slot bestaat de TF uit een tweetal Fixed Wing RESCORT’s. Deze groep bestaat uit een tweetal gevechtsvliegtuigen die als observator hoog boven het toneel vliegen. Deze toestellen kunnen ook worden ingezet in de CAS (Close Air Support) rol indien nodig. Naast deze drie TF’s, zijn er ook een aantal support onderdelen actief die een APROC missie begeleiden. De eerste is de Airborne mission Command post, dit is doorgaans een AEW vliegtuig dat de controle heeft over de hele operatie. Op de grond zal er een GBAD dreigingssimulator worden toegevoegd aan de cursus wat de training realistisch maakt. Op de grond zullen er drie Ground OPFOR (Opposition Forces) actief zijn rondom de landingsgebieden. Tijdens de missies zijn er in totaal drie FARP’s (Forward Arming and Refuelling Point) actief zijn, waarbij elke TF zijn eigen FARP krijgt toegewezen. En tot slot zullen ook Intel en mentors actief zijn tijdens de APROC missies.




Contact Facebook Youtube Airfighters Google+ Google Maps Over Runway 28 Blurb
© Copyright 2000-2018 AAM van Noye, Alle Rechten Voorbehouden