Terug
Runway 28 Runway 28 Runway 28 Runway 28

Het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger; Volkel, 12 - 17 juni 2013

100 Jaar Militaire Luchtvaart, deel 2; Tekst en Afbeeldingen door Alex van Noye

De Militaire Luchtvaart van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (ML-KNIL) heeft tijdens de en na de Tweede Wereldoorlog een roerige tijd meegemaakt. Het ML-KNIL werd ingezet vanuit Australië en speelde een belangrijke rol bij de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog tijdens de 'Politionele Acties' eind jaren 40.

Het Koninklijke Nederlands Indië Leger (KNIL) was het Nederlandse koloniale leger dat bestaan heeft van 1830 tot 1950. De KNIL was in tegenstelling tot de Koninklijke Landmacht geen orgaan dat onder het Ministerie van Oorlog viel, maar onder het Ministerie van Koloniën viel. Het KNIL bestond uitsluitend uit beroepsmilitairen die vast gestationeerd waren in Nederlands Indië. Het leger werd in 1830 opgericht in tijd dat de VOC handel voerde met Oost-Indië. Op 18 juli 1914 werd het Koninklijk Besluit uitgevoerd om de Proefvliegafdeling voor het KNIL op te richten, deze afdeling werd aangeduid als het PVA-KNIL. De PVA-KNIL werd uitgerust met diverse transport- vliegtuigen voor de verbinding met Nederland en lichte verkenningsvliegtuigen voor de lokale vluchten. De Militaire Luchtvaart van het KNIL (ML-KNIL) ontstond als zelfstandig onderdeel tijdens de mobilisatie op 30 maart 1939 en kwam voort uit de PVA-KNIL en de Luchtvaartafdeling KNIL (LA-KNIL). De ML-KNIL bestond uit 2 hoofdgroepen, namelijk de Vliegtuig groep (VLG) en de Verkenningsafdeling (VKA). De VLG bestond uit 6 vlieggroepen, namelijk: VLG1 op Bandung (Andir) op Java, VLG2 op Malang (Singosari) op Java, VLG3 op Batavia (Tjilitan) op Java, VLG4 op Madiun (Maospati) op Java, VLG5 op Semplak (Buitenzorg) op Java en VLG6 Depot op Madiun (Maospati) op Java. De VKA bestond uit 5 verkenningsafdelingen, namelijk: VKA1 op Tjikembar op Java, VKA2 op Djokjakarta op Java, VKA3 op Kalidjati op Java, VKA4 op Kalidjati op Java en VKA5 op Kalidjati op Java. Al deze afdeling hebben diverse detachementen op verschillende vliegvelden op Oost Borneo, West Borneo, Ambon en Singapore.

Op papier was de ML-KNIL vrij groot, de praktijk wees echter uit dat slechts weinig vliegtuigen in een goede staat verkeerden. Veel vliegtuigen hadden last van een tekort aan onderdelen en een aantal nieuwe vliegtuigen waren nog niet in elkaar gezet. In het kader van de Netherlands Purchasing Commision (NPC) werd in juni 1941 het verzoek geplaatst voor de levering van 100 Bell P-39 Airacobra’s. Dit verzoek werd

afgewezen, echter kreeg de ML-KNIL wel de beschikking over 100 Curtiss P-40’s die eigenlijk voor de RAF waren bestemd. Uiteindelijk werd het herhaalde verzoek ingediend voor alsnog de Airacobra’s. Uiteindelijk had het ML-KNIL geen vliegtuigen tot zijn beschikking. Tijdens de Japanse invasie was de ML-KNIL dan ook zo ver- slagen door de Japanse luchtmacht. Slechts een aantal onderdelen van het Nederlands-Indische leger die gelegerd waren in het oostelijke gedeelte van de Indische archipel wisten van de Japanse bezetters te ontsnappen. Na de overgave van Java, vlogen de Nederlandse eenheden door vanaf Nieuw-Guinea en Australië. De ML-KNIL was op deze situatie dan ook geen uitzondering. Bij de Nederlandse groepen sloten eind 1942 de guerrillastrijders van het Indische leger aan. Onder Nederlands commando en in samenwerking met een Australisch bataljon uit Portugees Timor, werden de in Australië aanwezige troepen uitgebreid met kleine groepen die van Nieuw-Guinea afkomstig waren.

Aan het begin van 1944 werd in Australië in het Victory Camp NIW het eerste bataljon KNIL opgericht. Hiermee was de eerste grote eenheid van het nieuwe Nederlands-Indische leger gevormd. Uit dit bataljon ontstond ook al snel een technisch bataljon en strijdend bataljon. Op 15 november werd het strijdende deel omgedoopt tot het eerste bataljon dat na een korte jungle training al snel werd ingezet in de strijd. Op 04 april 1942 werd in Canberra in Australië met geëvacueerd personeel, aangevuld met personeel van de RAAF het no 18 ML-KNIL Squadron opgericht. De eenheid werd uitgerust meet de B-25 Mitchell. Het squadron opereerde in de South West Pacific Area en werd overgeplaatst naar Balikpapan. Na de capitulatie van het Japanse leger begon het squadron met verkenningen, het controleren van scheepsbewegingen, het opsporen van inteneringskampen en het uitvoeren van voedseldroppingen. Eind 1945 werd het squadron gedeeltelijk overgeplaatst naar Tjililitan. In 1946 gaf de eenheid luchtsteun aan de infanterie op Zuid- en Zuidoost Borneo. In 1947 werd het 16e squadron opgeheven en bij het 18e gevoegd. Nederland kreeg na de Tweede Wereldoorlog 40 P-51Ds. Deze werden door de ML-KNIL gevlogen tijdens de twee 'Politionele Acties', Operatie Product in 1947 en Operatie Kraai in 1948. Na dit conflict ontving Indonesië een aantal van de ML-KNIL Mustangs. Indonesië was na deze acties onafhankelijk geworden van Nederland.

De nieuwe onafhankelijke regering van Indonesië claimde Nieuw-Guinea al vanaf het einde van de tweede Wereldoorlog. De Nederlandse regering dacht hier anders over en beschouwde dit gebied als Nederlands terrein. Een lange onderhandeling werd aan het einde van de jaren 50 verbroken door de Indonesiërs. In 1958 stuurde de Nederlandse regering een luchtmacht detachement naar Nieuw-Guinea voor de luchtverdediging. Na de verhuis werd het detachement gestationeerd op Biak nadat Indonesische infiltranten een grootschalige aanval voorbereidden. In 1960 werden versterkingen naar Biak gestuurd in de vorm van 12 Hawker Hunters voor de luchtverdediging en 2 Allouette II helikopters voor SAR taken. De Allouette’s werden met het vliegdekschip de Karel Doorman afgeleverd en een jaar later arriveerden de 12 Hawker Hunters op het eiland. Het Indonesische leger was in 1962 dusdanig sterk dat een aanval op het Nederlandse detachement niet kon worden afgeslagen. Oor het tekort aan slagkracht een door een toenemende druk van de VN, werd de Neder- landse regering gedwongen om Nieuw Guinea op te geven. De terugtrekking van de Nederlandse militairen werd in Indonesië gevierd als een grote overwinning. Het no 336 Squadron werd als gevolg van deze terugtrekking opgericht om de Nederlandse eenheden terug te vliegen naar Nederland. In 1961 en 1962 werden ruim 5400 passagiers teruggevlogen naar Nederland.




Contact Facebook Youtube Airfighters Google+ Google Maps Over Runway 28 Blurb
© Copyright 2000-2018 AAM van Noye, Alle Rechten Voorbehouden